3.jpg
Gouden Zandkorrel PDF Afdrukken E-mail

Op vrijdagavond 21 mei 2010 is de winnaar van de Gouden Zandkorrel 2010 bekend geworden! Tijdens een gezellige bijeenkomst, waarbij vrijwel alle deelnemers aanwezig waren, werden uit 35 inzendingen zes genomineerden naar voren geroepen om hun gedicht voor te dragen. Genomineerd dit jaar waren: Ortrud Brandes, Bart de Haas, Dimmy van Zanten, Marijke Zeegers, Wil van der Salm en Willem Ruigrok.

De uiteindelijke drie winnaars, door de vakjury beoordeeld, zijn geworden: Marijke Zeegers op de 3e plaats, Wil van der Salm op de 2e plaats, en Willem Ruigrok werd de trotse eigenaar van de Gouden Zandkorrel 2010!

Publieksprijs

Dit jaar werd de publieksprijs weer in ere hersteld. Alle aanwezigen konden zelf hun eigen favoriet aangeven. De uiteindelijke winnares is Wil van der Salm geworden, die ook de tweede prijs al in ontvangst mocht nemen.

Alle winnaars van harte gefeliciteerd! Voor alle anderen: ook volgend jaar zal de Gouden Zandkorrel terugkeren en maakt u opnieuw de kans op de felbegeerde Gouden Zandkorrel!

Onderstaand kunt u het juryrapport en de winnende gedichten teruglezen.

De winnende gedichten

Nummer 1: Wat later

wind gierend dwars

waterkop schuimend

graatmager graniet 

 

regen striemend

scherend licht

verbleekte vuurtoren

 

kragen op pieren

scheldend vervloekend

duivels katers 

 

oceanen ideeën

ijzende zeeën

treurige tijd 

Willem Ruigrok  

Nummer 2: Zeeën van haast 

Agenda

bewijsstuk

van een

gejaagde

 

Jacht

naar de eindstreep 

 

waar aangekomen

je te moe bent

- doodmoe -

 

om je lauwerkrans

met het lint 

 

Rust Zacht

in ontvangst

te nemen 

 

Wil van der Salm  

Nummer 3: Zeeën van tijd 

Drachtige druppels groeien tot zee,

gedroomd strand stuift troost

in de kieren der herinnering.

Het heimwee strelend naar

voorbije verre tijden.

Wolken vermomd als dieren

doven het licht

en krimpen de einder.

De donkere kosmos verschijnt

gekleed in fonkelend geschitter.

Een gekartelde schelp

fluistert in kabbelende taal

de oertijd in mijn oor

van Hadeïcum tot heden,

miljoenen jaren ingelijst.

Daar ontstond in zeeën van tijd

de trage geboorte der aarde,

in een hemelbed bezaaid met sterren. 

 

Marijke Zeegers 

Het juryrapport 

De jury, bestaande uit Bob Rigter, Nico van den Raad en Desiree Pieterse hebben hun gedachtes en ideeën over de inzendingen samengevat in een juryrapport. Over elke genomineerde is de uiteindelijke beoordeling terug te lezen.

JURYRAPPORT GEDICHTENWEDSTRIJD 2010 

De jury heeft uit 32 ingezonden gedichten 6 teksten geselecteerd en nomineert in alfabetische volgorde van achternamen de volgende dichters: Ortrud Brandes, Bart de Haas, Willem Ruigrok, Wil van der Salm, Dimmy van Zanten en Marijke Zeegers.  

De vergelijking van de kwaliteit van teksten stelt de jury nogal eens voor de vraag om twee parameters tegen elkaar af te wegen. Aan de ene kant zijn er teksten waarop met betrekking tot vorm en inhoud niets is aan te merken, maar die verder niet veel interessants of verrassends te bieden hebben. Aan de andere kant zijn er teksten die weliswaar fascinerende poëtische beelden oproepen, maar die ergens qua vorm of inhoud ontsporen. Dat laatste is vooral jammer als het eenvoudig weglaten van een frase de betreffende tekst tot het niveau van een winnend gedicht zou kunnen brengen. In veel ingezonden teksten is een zekere spanning tussen de genoemde parameters aanwijsbaar. 

6. Ortrud Brandes, Toeverlaat  Een sfeervol gedicht dat is opgebouwd uit herkenbare beelden. De dichteres gebruikt korte zinnen en past opsommingen toe waardoor ondanks de veelheid aan informatie toch verdichting wordt bereikt. Het gedicht ademt warmte uit. Jammer dat de dichteres in de eerste zin al de kern van het gedicht weggeeft. In het derde couplet zakt het gedicht even in, het kan aan kracht winnen door de vragen te schrappen en niet twee keer ‘ook’ achter elkaar gebruiken. In het vierde couplet keert gelukkig de kracht weer terug. Dit gedicht kent de jury de zesde plaats toe. 

5. Bart de Haas, Eens  Een sonnet over een vader en zoon waarin een bekend en vertrouwd beeld wordt geschetst, de zoon die later zelf vader wordt. In die zin is het gedicht niet verrassend, maar het zit mooi strak in het rijmschema, met regels van gelijke lengte (10 lettergrepen behalve regel 13). Het gedicht leest prettig. Er is mannelijk eindrijm toegepast, wat past bij het onderwerp. Jammer is dat het gedicht qua taal in de derde regel van het eerste couplet uit de bocht vliegt met het woord ‘ronkend’. Dit gedicht kent de jury de vijfde plaats toe. 

4. Dimmy van Zanten  De vierde plaats is toegekend aan Dimmy van Zanten. Zijn gedicht bestaat uit twee regels van ieder vier woorden. Het toont een verrassende bondigheid gepaard aan een uitgelezen ritmiek. Het gedicht balanceert gedurfd op de rand van een aforisme of zelfs een tegeltjeswijsheid, maar wie langer nadenkt over de paradox van deze tekst komt gaandeweg tot een veelheid van interpretaties. 

3. Marijke Zeegers, Zeeën van tijd  Een ongebonden gedicht rijk aan poëtische en soms verrassende beelden, lyrisch van toon, en met alliteraties. De jury is van mening dat met minder beelden en meer verdichting het gedicht aan kracht kan winnen. Ook hier geldt: Less is more.  B.v. In de regels 11 t/m 13 ware het beter kabbelende taal weg te laten en de tekst te beperken tot Een gekartelde schelp fluistert van oertijd tot heden in mijn oor. 

2. Wil van der Salm, Zeeën van haast Als nummer 2 heeft de jury gekozen Zeeën van haast van Wil van der Salm. Dit is een sterke, bondige tekst die recht op zijn doel af gaat en nergens ontspoort. Agenda, het enige woord in de eerste regel, zet het scenario al duidelijk neer. De tweede regel, bewijsstuk, wederom één woord, kondigt al een wantoestand aan. Door de witregel na gejaagde, in regel vier, wordt gejaagde in eerste instantie geïnterpreteerd als zelfstandig naamwoord: iemand die wordt opgejaagd. Na het oversteken van de witregel blijkt dat er sprake is van een gejaagde jacht, wat geïnterpreteerd kan worden als ‘een overhaast najagen’, maar ook als ‘een jacht die al voltooid is’. De kracht van de tekst is dat al deze betekenissen tegelijk aanwezig zijn.Zo lijkt eindstreep in eerste instantie een aanduiding van de finish, maar blijkt dan ook de dood te zijn. Het woord doodmoe, dat doorgaans figuurlijk wordt gebruikt, krijgt hier zijn letterlijke betekenis, en de lauwerkrans completeert de werking op twee betekenisniveaus. De winnaar van de rat race komt als overledene in aanmerking voor een lauwerkrans. 

1. Willem Ruigrok, wat later Winnaar van De Gouden Zandkorrel 2010 is Willem Ruigrok, met het magnifieke gedicht Wat later.
Wat later plaatst ons door middel van snel wisselende, sterk filmische beelden bij zwaar weer buitengaats op het kale, natte graniet van een pier, vanwaar een vuurtoren nog nauwelijks zichtbaar is, en waarop wij ons scheldend en vervloekend ternauwernood staande houden. De scheiding tussen binnenwereld en buitenwereld is opgeheven. De oceanen van ideeën zijn gerezen tot ijskoude, angstige zeeën van treurige tijd.

De jury: Bob Rigter, Nico van den Raad en Desiree Pieterse Noordwijk, 21 mei 2010                          

 

 

 

 

Evenementen kalender

<<  Februari 2012  >>
 ma  di  wo  do  vr  za  zo 
    1  2  3  4  5
  6  7  8  9101112
13141516171819
20212223242526
272829    

Advertenties

Advertentie