
| 2006 - gouden zandkorrel |
|
Op vrijdagavond 19 mei vond in strandpaviljoen Beach End de prijsuitreiking plaats van de Gouden Zandkorrel, de prijs voor het beste gedicht van de jaarlijkse gedichtenwedstrijd van Stichting Keune Kust Noordwijk. Winnaar is Peter van den Berg met het gedicht "Reizen langs de kust". Uit het juryrapport: In een verrassende vergelijking, ziet een man die de rust van een relatie heeft gevonden, elk verglijdend etmaal met zijn geliefde als één van de vele zwevende meeuwen waarnaar zij liggen te kijken. Hoogheemraad Peter Groen van het hoogheemraadschap van Rijnland reikte de prijzen uit. In zijn toespraak belichtte hij het ontstaan van de Week van de Zee, de steeds groeiende rol van Stichting Keune Kust Noordwijk en de rol van het waterschap in het leven langs de kust. Hij draagt de inititiatieven van de vele vrijwilligers die dit soort evenementen als het gedichtenfestival en de Week van de Zee organiseren een warm hart toe en sprak de wens uit de samenwerking tussen deze organisaties verder voort te zetten. Als officiele opening van de zee en afsluiting van de prijsuitreiking rolden leden van de Keune Kust het eerste windscherm uit. Van de twintig beste gedichten zijn namelijk windschermen gemaakt die de hele week langs de boulevard zijn te bewonderen! Op zondag 28 mei om 15.00 uur worden deze unieke windschermen geveild in de grote tent op het Vuurtorenplein. Dus kom uw bod uitbrengen! De winnende gedichten Eerste prijs: Reizen langs de kust Kom liefste kom liggen Als nu elke meeuw een etmaal is, Peter van den Berg Tweede prijs: Alles gevonden Ik ken jouw universum, het verschijnt met zonsondergang Ik wou dat ik hier kon blijven, je hebt immers zoveel gezichten Laten we doen alsof we verdwaald zijn, want alles is al gevonden. Arthur de Jong Derde prijs: Kerst aan Zee Een winterse zonsondergang Sarah Radema Eervolle vermelding: Een fles Een fles zo zult u zeggen Willem v. Duivenboden Het juryrapport Juryrapport gedichtenwedstrijd 2006 Noordwijk Het schrijven van gedichten is een vorm van kunst. Er kan niet verwacht worden dat de amateur-beoefening van de dichtkunst zomaar literaire hoogtepunten oplevert. Men denkt nogal eens dat een gedicht door rijm moet worden gedragen, maar rijmdwang leidt al gauw tot stijve teksten vol ongerijmde ideeën. Grote woorden verbergen dikwijls zinledigheid. De behoefte om een pakkende laatste regel te schrijven heft veelal de spanning of het mysterie van een tekst op. Zo zou een aantal ingezonden gedichten sterker zijn geweest als de laatste strofe was weggelaten, of als niet was uitgelegd waar het gedicht over gaat. De jury vond het hartverwarmend hoe alle dichters die hebben meegedaan, hun herkenbare waarnemingen en emoties, vaak gloedvol, hebben verwoord. Maar het weergeven van waarneming en emotie, hoe waar en oprecht ook, maakt een gedicht nog niet boeiend en interessant voor anderen. Daar komt o.i. meer voor kijken. Een dichter kan meer poëtische zeggingskracht bereiken door te werken met verdichting, taalverschuiving en muzikaliteit. Bij veel gedichten heeft de jury dit gemist. Toch is de jury verheugd dat wij ook dit jaar een aantal teksten op doeken langs het strand zullen zien. En wij zijn verheugd vanavond een eervolle vermelding bekend te maken, en een derde, een tweede en een eerste prijs. De eerste prijs is De Gouden Zandkorrel. Wij beginnen bij de eervolle vermelding. De eervolle vermelding is voor een aardig, traditioneel gedicht, dat een anekdote over hoog water in onze dorpsgeschiedenis verhaalt. Het gedicht vertoont gebruik van eindrijm, maar zonder rijmdwangmankementen. De eervolle vermelding gaat daarom naar “Een Fles” van Willem van Duivenboden. De derde prijs Een klein maar fijn gedicht, opgebouwd uit acht regels waarin het thema ‘licht’ zowel een realistische als symbolische lading krijgt. De dichteres voert speels een dialoog met de natuurbeelden die ze waarneemt. Ze benoemt die beelden helder en past daarbij verdichting en taalverschuiving toe. Een gedicht met een krachtige suggestieve lading, die helaas voor de jury verdwijnt met de boodschap in de laatste regel. De jury feliciteert Sarah Radema met haar derde prijs voor het gedicht “Kerst aan zee”. De tweede prijs Een spannend gedicht dat is opgebouwd uit drie strofen. Het is een ongebonden vers, los van vorm. De inhoud is een geheim. Waar dicht de dichter over? Waar staat de ‘je’ voor tegen wie de dichter spreekt: de zee, de lucht, de ruimte, de kust of toch een geliefd persoon? De dichter bouwt zijn gedicht op met afwisselend korte en lange zinnen. Het gedicht blijft spannend en verrassend en de poëtische zeggingskracht blijft behouden mede dankzij beeldend taalgebruik. Een kenmerkend voorbeeld hiervan is de zin: “Zachte zinnen maken zich meester van mij”. Dit vinden we een sterke zin, mede door het twee keer toepassen van alliteratie (beginrijm): met de ‘z’ en de ‘m’. Jammer dat de dichter in de laatste regel met de laatste drie woorden in de ogen van de jury even uit de poëtische bocht vliegt met een concreet beeld op rijm en daarmee het geheim uit het gedicht haalt. De jury feliciteert Arthur de Jong met de tweede prijs voor het gedicht “Alles gevonden”. De eerste prijs De eerste prijs is voor een gedicht waarin de meeuwen aan de kust een rol spelen. Het heeft te maken met de rust en vrede van het zweven van meeuwen in de thermiek boven de duinrand. In een verrassende vergelijking, ziet een man die de rust van een relatie heeft gevonden, elk verglijdend etmaal met zijn geliefde als één van de vele zwevende meeuwen waarnaar zij liggen te kijken. Het paar ligt hoog op het strand, dus ver verwijderd van de zee, die tenslotte ook een symbool van de tijdloze eeuwigheid is. De Gouden Zandkorrel gaat dit jaar naar Peter van den Berg.
|